Tagarchief: gezin

Samen op Weg mei 2019

Beste zussen en broers,

Beste vrienden van Samen op Weg,

Theorie of ideologie, that’s the question!

Ik heb het hier, zussen en broers over de genderproblematiek. Misschien is het ver van uw bed, en misschien o zo nabij.

Voor mij is deze genderproblematiek een ideologie, dat wil zeggen, een idee, dat men tot een leer wil verheffen, en daarom steevast van een theorie spreekt, al zijn er geen wetenschappelijke bewijzen. Maar hoe ga je dan in zelfs tegen universiteiten?

En kijk, in de Standaard van 11-12 mei lees ik de opinie & analyse van Maarten Boudry, filosoof aan de UGent en ook auteur.

U kan dit artikel doornemen op mijn blog: https://alain2015.wordpress.com/

Het komt erop neer dat hij “bio-ontkenners” (men ontkent dat er van bij de conceptie man-vrouw verschillen zijn) op dezelfde plaats zet als “klimaatontkenners”, en verder stelt dat de gewone burger aan alles ervaart dat man en vrouw verschillen, en ook dat er daar voldoende wetenschappelijke bewijzen van zijn.

Ik citeer: “Bio-ontkenning is geen zaak van gewone burgers, maar van wereldvreemde academici.”

Dank u, Maarten Boudry, en zo kan ik zelf weer gewoon verder met Genesis 1, 27: “En God schiep de mens als zijn beeld; als het beeld van God schiep Hij hem; man en vrouw schiep Hij hen.” Als man en vrouw, evenwaardig en verschillend, zijn we geroepen om beeld te zijn van het onzichtbare mysterie van de drie-ene God. De H.  Johannes Paulus II heeft dit uitgebreid behandeld in de theologie van het lichaam.

Aangemoedigd door het artikel wil ik nog enkele tips geven in mogelijke confrontaties met de genderideologie. Ik heb de inspiratie gevonden in het boek van Hubert Lelièvre: “La famille face au défi du gender.” (Het gezin en de uitdaging van de gender)

Wat kunnen we doen?

Op de eerste plaats de moed niet verliezen, maar vertrouwen op Christus, de Rots, en leven vanuit Hem, vanuit de H. Geest. Daarom ook geeft Maria-Kefas een vijfweekse over het Leven in de Geest! Zo schreef H. Johannes Paulus II in “Duc in Altum”: “Ga vol hoop. Een nieuw millennium gaat open voor de Kerk als een wijde oceaan, waar je je in waagt, steunend op de Heer.”

Ten tweede ons geweten vormen. Wie u zegt dat alles spontaan, gemakkelijk moet zijn, bedriegt u. Jezus volgen wil zeggen zijn kruis dragen, en de weg is bergop, het vraagt inspanningen, ook om je geweten te vormen, door lectuur, studie,…

Verzorg uw gezinsleven. Jullie, de gezinnen, zijn “Gaudium et Spes” vreugde en hoop; jullie zijn de poorten naar het leven en de liefde. De Kerk is heel dankbaar voor de gezinnen, voor hun “ja” aan het leven. Maak van uw gezin een haard  van licht, van liefde, vergeving, luisterbereidheid en vreugde! Vier elkaar, zoals onlangs moeder werd gevierd. Draag zorg voor uw gebedshoekje en de tafelmomenten. Oh ja! Ook hier is het niet altijd simpel, maar moeilijk gaat ook, hé!

In het gezin is ieder belangrijk, ieder bestaat, en wordt bij zijn (voor)naam genoemd. Vaders, wees niet bang vader te zijn, moeders, wees niet bang moeder te zijn. Neem tijd voor elk kind, een voor een als je de nood voelt, of als ze een signaal geven. De bakens en de sporen voor het verdere leven hebben ze van u nodig.

Lees de “theologie van het Lichaam” van de H. Johannes Paulus II, profetisch antwoord op de ideologie en andere uitdagingen van onze tijd. Het is in het Nederlands vertaald. Benedictus XVI zegt: “Combineer de theologie van het lichaam met die van de Liefde, om de schoonheid, de goedheid en de waarheid van de echtelijke seksualiteit te herontdekken.

Zoek de gelegenheden om op een andere manier te spreken over de liefde en de seksualiteit in de opvoeding van de kinderen. Laat dit niet over aan de officiële instanties alleen. Ik durf hier zeker verwijzen naar de initiatieven van “Jij en Ik, een wonder”, en MFM, de cyclusshow (www.mfm-programma.be).

Laten we in deze materie eensgezind voor elkaar en voor de wereld bidden, om de wijsheid en het vuur van de H. Geest, en hoopvol uitzien op Zijn kracht, nu we op weg zijn naar Pinksteren.

 

Alain

 

Advertenties

Samen op weg februari 2019

Beste zussen en broers,

Beste vrienden van Samen op Weg,

Goud, wierook  en mirre, dat waren de geschenken van de drie wijzen aan het pasgeboren kind Jezus. Een zus van de gemeenschap had gehoord dat deze gaven symbool zijn voor drie gaven die ook wij aan onze Heer kunnen aanbieden, namelijk ons hart, onze lofprijzing en tijd.

Geschenken, hoe vaak horen we niet met Kerstmis en nieuwjaar hoe lastig het is om de gepaste geschenken te vinden voor onze geliefde huisgenoten en dichte familie, en wat een opluchting bij velen als die dagen voorbij zijn. En hier krijgen we dan concrete tips om aan onze God gaven te schenken; dank u lieve zus voor deze fantastische tip!

Goud. Dat is ons hart. Ons hart geven aan God, dat is eerst en vooral ons hart openen voor Hem. We mogen Hem alles toevertrouwen: onze zorgen, onze vreugden, onze kleinheid. Meer nog, zelfs onze zonden mogen we aan Hem, het Lam van God, afgeven, Hij neemt ze weg! Nu en dan eens met een lente grote kuis in het sacrament van de verzoening.

Raar toch, hé, dat we Hem zelfs onze zonden mogen geven. Je moet niet speciaal over produceren, maar als ze er zijn wil Jezus ze wegnemen, zodat je weer voluit kunt ademen. De H. Geest woont in ons hart. Gun het Hem toch de ramen regelmatig open te zetten, en je zal ervaren hoe Hij meer en meer in je leven zal kunnen werken.

Je hart geven aan Jezus, dat is Hem liefhebben. Als we iemand liefhebben, dan doen we voor hem wat hij graag heeft. En dat is: “Dit is Mijn gebod, dat gij elkander liefhebt, zoals Ik u heb liefgehad.” (Joh. 15, 12) Onze liefde voor Hem wordt concreet in wat we voor onze naaste doen, en voor de armste, de kleinen, de zieken, enz. Denk maar aan de werken van barmhartigheid…

Jezus ís die andere in nood. Bij de bekering van Paulus, vraagt Jezus: “Saul, Saul, waarom vervolgt gij Mij?” Hij is die arme, die gekwetste, die eenzame, en in die mensen kunnen we Jezus liefhebben door concrete, kleine daden van liefde.

Wierook. Dat staat voor de lofprijzing. Dat is het gebed waar we persoonlijk of in groep, God prijzen om Hemzelf, om Zijn grootheid, Zijn goedheid, Zijn macht, Zijn schepping, Zijn weldaden voor ons en voor anderen. Zo zingen we bv. “Wat bent U groot, God, heilig is Uw naam, wat bent U sterk God, nu wij voor U staan, heffen wij samen, vol van vreugde onze lofzang aan!” Wij danken dan de Vader, voor de schepping, de Zoon voor de verlossing en de H. Geest, die woont in ons hart! Dit lof gebed richt onze ogen en ons hart naar God, en plaatsen Hem in het centrum.

Er zijn nevenwerkingen! De vreugde groeit in ons hart, ook het vertrouwen, dat Hij ons tegemoet komt in onze moeilijkheden. Wie looft heeft al vaak ervaren, hoeveel zuurstof er binnenkomt, tijdens dat gebed. De H. Geest helpt ons ook onze vragen bij God te brengen. Ik kan jullie zeker verwijzen naar Worship Alive, waar onze jongeren, of ze nu spijbelen (bosbrossen) of niet, de Heer vurig loven en prijzen.

Mirre. Mirre staat vaak symbool voor lijden. We zien dat in de gemeente Smyrna, dat was een lijdende kerk. “Smyrna” is dan ook Grieks voor “mirre”. De gelovigen van de gemeente te Smyrna moesten lijden om Jezus’ wil. Allen die lijden voor de Heer, zijn kostbaar in Zijn ogen.

Ik hoorde eerst dat mirre symbool staat voor onze gebedstijd. Er is geen tegenspraak. Bij het begin van Zijn lijden, in een van de moeilijkste momenten, in het hof van Olijven bad Jezus in doodsangst, en vroeg de apostelen mee te bidden. Onze aanbidding zal heel vaak een overwegen zijn van het lijden van de Heer.

Trouw te zijn aan onze gebedstijd vraagt standvastigheid, en trouw, maar het is een geschenk dat de Heer welgevallig is. Als we ook ons lijden aan Hem kunnen opdragen, dan kan het ook vruchtbaar worden.

Kortom, als we voor de Heer ons hart openen, zodat Hij Zijn woord in ons hart kan zaaien, en Hem laten werken, dan zal dit rijke vruchten voortbrengen, dat heeft Hij beloofd. Als we Hem loven en danken en wat van onze tijd geven, dan worden we mensen met een hart van goud, en dan kunnen we dit hart laten overlopen naar onze huisgenoten! Aan hen mogen we ook bemoedigingen geven (wierook) en van onze kostbare tijd, maar dat weten jullie al, hé.

God zegene u en uw op weg gaan naar Pasen, doorheen de woestijn van de vasten!

 

Alain

 

Samen op Weg – november 2018

Beste zussen en broers,

Beste vrienden van Samen op Weg,

“Wees heilig!”

Waarschijnlijk verwacht je deze oproep niet in dit blaadje en misschien vraag je je af of dit nog van deze tijd is. Misschien heb je de lezing al gestopt? Nee dus; wel, dan is dat al een eerste stap naar heiligheid 😉

Wie zegt dat nu, en waarom? God zelf om te beginnen, in Leviticus en Hij zegt ook waarom: “Wees heilig, omdat Ik heilig ben.”

Met zo’n argumentatie word ik wel even stil.

Het is van alle tijden want Petrus herneemt het in zijn eerste brief (1 Pe 1, 16) en paus Franciscus in zijn exhortatie “Gaudete en exsultate” of  “Wees blij en juich”.

Deze exhortatie van de paus gaat over de roeping tot heiligheid in de hedendaagse wereld, en ik kan alleen maar oproepen om die te lezen, dan kan je, wat dit blaadje betreft, direct naar de laatste bladzijde gaan.

Bepaalde uitspraken van de paus in zijn aansporing treffen mij enorm, en daarom wil ik ze hier ook delen, in de hoop dat jullie deze parel van paus Franciscus zelf ook gaan lezen en in uw leven laten doorwerken.

“Je zal die mens worden die de Vader in gedachte had toen Hij jou schiep.”

Deze zin kan je meenemen in je dagelijkse gebedstijd, en tot je laten komen, want het zegt zoveel. Al van in de moederschoot had de Vader je al in gedachte, en waarschijnlijk nog veel vroeger. Hij heeft een droom voor je, namelijk die bepaalde mens. En God laat Zijn dromen niet rap los, ook al maken wij er een potje van. Desnoods stuurt Hij Zijn Zoon naar ons, tot op het kruis.

OK, maar welke mens zal ik dan worden? In Genesis 17, 1 lezen we: “Leef in verbondenheid met Mij, leid een onberispelijk leven.” Dat zijn toch al twee tips.

De verbondenheid kunnen we beleven door onze trouw aan het persoonlijk gebed, elke dag, 2% van onze tijd. Velen getuigen dat ze door die tijd aan God te geven, veel tijd en zorgen uitsparen voor de rest van de dag. Een win-win situatie dus, in “hedendaagse” termen. Jezus zal in de tijd die je Hem geeft niet nalaten je in stapjes te tonen waar Hij je wil hebben, welke mens je mag worden. In het “Samen op Weg WE”, zeer modern, nemen we Jezus als GPS, we volgen Hem. De gebedstijd is daar het middel voor, de connectie, WIFI.

Wat dat onberispelijk leven betreft, gaat paus Franciscus verder: “We komen vaak in de verleiding om te denken dat heiligheid alleen bestemd is voor wie zich aan de dagdagelijkse beslommeringen kan onttrekken om veel tijd aan gebed te besteden. Dat is niet zo. Wij zijn allemaal geroepen om heiligen te worden door liefdevol te leven en een persoonlijke getuigenis te geven in alles wat we doen, op de plaats waar we zijn… Ben je getrouwd? Wees heilig door te beminnen en te zorgen voor je partner, zoals Christus dit deed voor de Kerk. … Ben je vader, moeder, grootvader, grootmoeder? Wees heilig door je kinderen met geduld te leren Jezus te volgen. … Heb je je leven aan God gewijd? Wees heilig en beleef vreugdevol je engagement.”

Je ziet, het is concreet. Je moet niet een of andere heilige willen nadoen en zo eventueel ontmoedigd geraken.

Het gaat over jou, die ene mens die de Vader in gedachten had.

“Het belangrijkste is dat elke gelovige zijn of haar eigen weg onderscheidt en het beste van zichzelf, dat wat de Heer heel persoonlijk in zijn of haar hart heeft neergelegd, laat zien.”

Naast de gebedstijd kan de partner een grote hulp zijn voor jou, door je met zijn/haar positieve blik aan te moedigen je weg te gaan, en door je te helpen je talenten te ontdekken en te ontwikkelen. Dit is natuurlijk wederzijds, en het is een onderdeel van je eigen weg je partner op dezelfde manier bij te staan, want we kregen van God “de hulp die bij ons past!” (Genesis, 2 18)

Behalve in het huwelijk, kan je ook anderen helpen hun talenten te ontdekken, in je vriendenkring, je gemeenschap, je werk.

Kijk, ik hou je niet verder op, ga nu met spoed naar een boekhandel, die deze prachtige en zeer leesbare aansporing voor u in de aanbieding heeft. (misschien ook een cadeautip?)

Ik verwijs ook graag naar verdere aankondigingen in dit blaadje: de adventskransen op 2 december, het tienerkamp tussen Kerstmis en Nieuwjaar. De Vijfweekse voor een vernieuwde doorbraak van de H. Geest komt er ook aan, na Pasen dan, en het WE in Spa in augustus en last but not least, de aanbidding, elke week op donderdag tussen 19 en 20u!

God zegene u en uw op weg gaan naar Kerstmis!

 

Alain

Samen op Weg – Mei 2018

Beste zussen en broers,

Beste vrienden van Samen op Weg,

Het gebeurt niet elk jaar dat het mei-nummer van Samen op weg verschijnt in de week van Pinksteren. Daarom wil ik het hier hebben over Pinksteren, over de H. Geest.

God is Liefde, God houdt van ons, maar voor ons is het moeilijk Iemand te beminnen die we niet zien, een grote God dan nog van wie de mensen eigenlijk bang waren, en zelfs kinderen offerden om die God gunstig te stemmen. God heeft dan, vanaf Abraham doorheen het oude testament de mensen geleerd dat Hij een Vader is, die zielsveel van Zijn kinderen houdt.

Het bleef moeilijk te geloven, en daarom is God zelf mens geworden in Jezus Christus. Deze Jezus konden we zien, horen, aanraken. Maar toch konden zijn tijdgenoten Hem niet geloven, en ze hebben Hem gekruisigd als een godslasteraar, of omdat Hij de machtigen in de weg liep.

Jezus besteedde heel zijn leven aan het tonen van de Vader, (“Wie Mij ziet, ziet de Vader, Philippus.”) en aan het tonen van de Liefde van God voor de mensen. Maar nog kunnen zijn medemensen, zelfs Zijn leerlingen het niet begrijpen. Daar was een Helper voor nodig.

Blijkbaar hebben niet alleen de apostelen, de leerlingen de H. Geest nodig om God te begrijpen, maar wij allemaal. Zonder Jezus kunnen wij niets, zonder de H. Geest begrijpen wij niets.

Na Zijn lijden, dood en verrijzenis verlangde Jezus vooral om terug naar de Vader te gaan, om de H. Geest te kunnen zenden. Dat is een eerste maal gebeurd met Pinksteren, en met volle kracht, maar, zussen en broers, dit stopt niet, wij hebben die H. Geest elke dag nodig, wat zeg ik, elk uur, elk moment van ons leven.

Door ons Doopsel hebben we de H. Geest ontvangen, zijn we tempels van de H. Geest geworden, Hij woont in ons hart. Door het Vormsel zijn we daar bewuster van geworden, het is onze keuze als persoon geworden, maar we mogen zijn kamertje in ons niet op slot zetten, en onze eigen wil voorrang geven.

In het oude testament werkte de H. Geest ook al, vanaf de schepping zelfs, en doorheen de profeten. Maar dat was eens bij die profeet, dan weer een andere, en een korte tijd. Maar nu schenkt Jezus Zijn Geest aan iedereen, en dat 7/7 24/24! Als God iets schenkt, is het altijd in overvloed. Maar wij kunnen ongelooflijk spaarzaam zijn en het kraantje openen als het ons past, en liefst niet te lang.

Zussen en broers, als er één kraan is die je mag laten open staan, dat is het die bron van Levend Water, die dan ook in jou zal opborrelen als een bron van leven voor de anderen rondom u.

Open je hart, open je oren voor de H. Geest. Hoe doe je dat? Wel door regelmatig, dagelijks een tijd van stilte te nemen, stil te staan letterlijk. Die tijd van persoonlijk gebed, in een kamertje, of waar het stil kan zijn. Die regelmaat zal je afstemmen op God die in je diepste ik aanwezig is, en je zal begrijpen wat Hij je wil zeggen, toefluisteren, vragen. Door dit te oefenen, door standvastig te blijven, zal je Hem soms ook in volle actie horen spreken in je hart. Ingevingen zullen van Hem komen, en je zal het weten!

Zo krijg ik soms vragen van mensen om iets te doen, en spontaan denk of zeg ik dat ik het niet kan, dat ik geen tijd heb, en plots is daar die inwendige stem: “Weet je dat zeker? Zou je het niet doen?” En zussen en broers, als je dan luistert en doet wat Hij verlangt, dan komt er een vreugde in je hart, die blijvend is. En hoe meer je je er voor open stelt, hoe beter je Hem hoort, en hoe dieper je vreugde wordt, los van alle lijden en verdriet dat je door het leven kan ervaren.

Iemand getuigde eens dat hij op zijn schouder voelde kloppen, zachtjes, en hij hoorde de H. Geest hem zeggen: “Ik ben ook een persoon, Ik wil je vriend zijn.” Jezus is mijn vriend, dat hoor je wel vaker. Maar ook tot de H. Geest kan je spreken, en tot de Vader, want het is door de H. Geest in ons hart dat we “Abba, Vader” kunnen zeggen.

Ik eindig door Jezus zelf aan het woord te laten (dit weerlegt dat ik altijd het laatste woord moet hebben 😉 ):

Johannes 14, 15-17: Als gij Mij liefhebt, zult ge mijn geboden onderhouden. Dan zal de Vader op mijn gebed u een andere Helper geven om voor altijd bij u te blijven: de Geest van de waarheid, voor wie de wereld niet ontvankelijk is, omdat zij Hem niet ziet en niet kent. Gij kent Hem, want Hij blijft bij u en zal in u zijn.

Johannes 14, 23: “Als iemand Mij liefheeft, zal hij mijn woord onderhouden, mijn Vader zal hem liefhebben en Wij zullen tot hem komen en verblijf bij hem nemen.

 

Alain

Samen op Weg – februari 2018

Beste zussen en broers,

Beste vrienden van Samen op Weg,

Vertrouwen!

Tussen Kerstdag en nieuwjaar mocht ik een onderricht geven aan een dertigtal jonge mensen, tieners en hun begeleiders op het Op & Top kamp in Ruiselede. Het thema: “Don’t worry”.

Omdat de H. Geest mij altijd helpt bij het schrijven van Samen op Weg, of als ik een onderricht mag geven, heb ik onmiddellijk “ja” gezegd, gemaild eigenlijk… En kijk, dit vertrouwen op de H. Geest had wel een heel onmiddellijk resultaat. Na mijn antwoord op de mail, ging ik mij scheren in de badkamer, en contempleerde de oude man in de spiegel, die het aan die jongeren eens mocht uitleggen! En zie, daar kwam de ingeving, ogenblikkelijk: het verhaal van Abraham en Isaak, het verhaal van een diep gefundeerd vertrouwen, een spannend verhaal ook. Ik heb de tieners meegenomen op die bewuste bergtocht, elk van hen als Isaak, ik als Abraham. Het verhaal werd voorgelezen door een van de medewerkers, en ze stopte, zoals gevraagd, op een aantal gevoelige momenten, waarbij de Isaak-tieners mochten opschrijven hoe ze zich voelden. Het is een boeiend avontuur geworden, maar tevens ontdekte ik ook enkele aspecten, die ik hier verder wil delen.

Abraham is onze leermeester in vertrouwen. In Genesis 12 lezen we het eerste contact tussen Abram en Jahwe: “Trek weg uit uw land, uw stam en uw familie, naar het land dat Ik u aan zal wijzen. Ik zal een groot volk van u maken. Ik zal u zegenen en uw naam groot maken, zodat gij een zegen zult zijn. “ Let wel, Abraham was 65 jaar. Toch krijgt hij de opdracht weg te gaan, en naar waar? “Naar het land dat Ik u wijzen zal!” Wie van ons zou dit doen, zonder reisverzekering, GPS, GSM en dat soort dingen?

Toen hij 99 was kreeg hij een nog duidelijker belofte en verder in Gen. 18 krijgt hij drie mannen op bezoek, die na een gastvrij onthaal beloven dat Sarah binnen het jaar een zoon zal hebben.

Ook hier vertrouwt Abraham op iets dat menselijk gezien niet te geloven is! (En terwijl zijn vrouw het niet kan geloven: zij lacht!)

Maar het gebeurt. Isaak wordt geboren, groeit op, maar dan vraagt Jahweh aan Abraham, zijn zoon, de zoon van de gelofte, de zoon die hij liefheeft, te offeren. Jahweh is heel duidelijk, het gaat hier over Isaak, niet over Ismaël. Er kan geen misverstand zijn.

Abraham vertrouwt op de Heer, op Zijn gelofte van het nageslacht, en gaat op weg. Lees zelf het verhaal nog maar eens, het is best wel spannend, ook voor Isaak. Op het cruciale moment, als Abraham het mes heft, komt Jahweh tussen: “Abraham, Abraham!”

Wat zou er gebeurd zijn als Abraham niet naar God geluisterd, of Hem zelfs niet gehoord had, zoals wel eens bij ons gebeurt, hé! Of erger nog, aan God zegt: “Wacht eens even, ik ben bezig, dit ga ik nu eerst afwerken…” Gelukkig luistert Abraham, en ge ziet, het maakt het verschil tussen leven en dood. Dit mag je gerust als een tip zien voor je gebedstijd.

Jahweh was ook zo goed om niet te roepen: “Stop, Halt, …” maar wel Abraham bij zijn naam te roepen. Dat is ook een tip om in het gezin elk kind bij zijn naam te noemen, zeker ook als je iets wil vragen. Het is zo fijn om mijn naam te horen, het bouwt mijn identiteit op, ik besta! (De tieners beaamden dit helemaal)

De beloofde zegening, dat is in het begrip van Abraham, veel nakomelingen, letterlijk. Maar wij weten intussen, dat ook Jezus afstamt van Abraham, Isaac, Jacob, Juda, …, David, … Jozef. De zegening is vele keren groter dan wat de mens verstaat. Dat is de vrucht van het geloof, het vertrouwen van Abraham.

Meer nog: wat de mens niet moest doen, heeft God zelf gedaan: Hij heeft Zijn Zoon gevraagd mens te worden, aan ons gelijk, tot in de dood, de dood aan het kruis. De nieuwe Isaac, Jezus, is wel geofferd, met een volmondig JA aan de Vader, voor mij, voor jou. Hij heeft het kwade, de dood overwonnen, so, don’t worry, heb vertrouwen!

Dit vertrouwen is zo fundamenteel dat Jezus aan zuster Faustina heeft gevraagd zijn afbeelding te laten maken met de witte en de rode straal, met de tekst onderaan om te bidden: “Jezus, ik vertrouw op U”.

Dit vertrouwen en het luisteren, naar God en naar elkaar, zussen en broers, wensen we jullie allemaal, en zeker doorheen de vasten, naar Pasen toe!

Alain

PS. De Amerikaan Paul Zak, toont in zijn boek “The moral molecule” aan dat het geven van vertrouwen een opstoot van het gelukshormoon oxytocine veroorzaakt in je lichaam. Daardoor voel je je zo goed, dat je ook goed gaat presteren. Geloof en rede gaan wel samen! (De Standaard 24 jan.)

De huwelijksrelatie – Liturgie van de liefde (begin hoofdstuk 8)

BLIJDE EN DROEVE MYSTERIES

 

Zoals in de rozenkrans maken we in het huwelijksleven zowel blijde als droeve mysteries door. Vreugde en kruis zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden  doorheen  gebeurtenissen in het leven.: Zoals bijvoorbeeld bij een zwangerschap waar het geluk bij het verwachten van een kind ook gepaard gaat met perioden van vermoeidheid en waarbij het levensritme van de moeder en van het koppel grondig verstoord wordt. Zo is het ook tijdens de eerste weken na de geboorte waar de verwondering over dat kleine nieuwe leven en het gevoel van uitputting door korte nachten elkaar afwisselen…  Doorheen heel  de opvoedingstijd  van de kinderen, zijn ouders  regelmatig in alle staten, of in meer religieuze termen uitgedrukt ,  gaan ze doorheen alle mysteries van de Rozenkrans!

Het leven als christen, in navolging van de Meester, geeft zin aan het lijden en aan de momenten van geluk. Zonder verwijzing naar de beloften van gelukzaligheid in het eeuwig leven, is het aardse leven door Christus beloofd, tezelfdertijd “vreugde” en “kruis”. Het is dezelfde Christus die ons de vreugde belooft:

“Dit zeg Ik U, opdat mijn vreugde in u moge zijn en uw vreugde volkomen moge worden.” (Joh 15, 11)

 

… en het kruis:

 

“Wie mijn volgeling wil zijn, moet Mij volgen door zichzelf te verloochenen en zijn kruis op te nemen.” (Mark. 8, 34)

 

We zouden het ene graag zonder het andere hebben, maar hier op aarde is dat niet mogelijk: ”Geen zondag zonder vrijdag”.

Deze contrasterende aspecten worden teruggevonden in de theologische reflectie van de Kerk over de Eucharistie.

Drie woorden komen het vaakst terug om dit sacrament te benoemen: “bruiloftsmaal”, “waarlijke aanwezigheid” en “heilig offer”. Naargelang het tijdperk, de culturen of de theologische stromingen, benadrukt men meer de ene of de andere dimensie.

Kunnen we stellen dat deze drie woorden om het sacrament te benoemen eveneens   bruikbaar zijn wanneer we spreken over de huwelijksrelatie?

1.      Bruiloftsmaal

In de Bijbelse symboliek heeft de maaltijd verschillende functies:

  • Hij brengt eenheid, hij verzamelt. Twee mensen of twee groepen die een akkoord sluiten, bezegelen  hun verbond door een gezamenlijke maaltijd: “Hierop richtte Isaac voor hen een feestmaal aan en zij aten en dronken.” (Gen. 26, 30); en “Toen slachtte Jacob op de berg een offerdier en nodigde zijn verwanten bij de maaltijd uit. Na de maaltijd bleven ze op de berg overnachten.” (Gen. 31, 54)
  • Hij geeft kracht (het voedsel);
  • Hij geeft vreugde (de wijn).

 

Het is tijdens een maaltijd dat Jezus de Eucharistie instelt. De eerste christenen, samen met de H. Paulus, spreken van “de maaltijd van de Heer” (1 Kor. 11, 33)

De symboliek van de liturgie brengt dit aspect tot zijn recht: men spreekt trouwens van “de tafel van het Woord” en van de “tafel van de Eucharistie”. Talrijke liturgische vieringen, sinds het tweede Vaticaans concilie, benadrukken deze feestelijke, broederlijke, samen horige dimensie.

Het feest van de liefdesrelatie in deze symboliek wordt in het Hooglied van de Liefde vaak uitgedrukt: men eet er en men drinkt er!

 

“Ik eet er mijn honingraat,

Ik drink er mijn wijn en mijn melk.

Eet vrienden, en drink,

En word dronken van liefde!” (Hoogl. 5, 1)

 

Deze symboliek is natuurlijk heel passend om belangrijke dimensies binnen de seksuele relatie  weer te geven , die verenigen, verheugen en kracht geven aan de echtelijke liefde.

 

2.      De gave van de reële aanwezigheid

Een ander perspectief brengt de originaliteit van de gave Gods meer tot zijn recht in dat sacrament waar God aanwezig wordt op een unieke wijze.

Jazeker, de Heer openbaart zich aan de mens op velerlei wijzen:

  • Door zijn aanwezigheid in de Schepping (het Boek van de Natuur – Psalm 19a, Rom. 1, 19-20);
  • Door zijn aanwezigheid in het Woord van God (het Boek van de heilige Schriften – Psalm 19b en 2 Tim. 3, 16);
  • Door zijn aanwezigheid bij zijn volk (de Kerk, “sacrament van Christus” – Mt. 28, 20);
  • Door zijn aanwezigheid in de naaste (het “sacrament van de arme” – Mt 25, 40);

Maar de aanwezigheid van Christus in de geconsacreerde hostie is van een andere orde. Hij is daar werkelijk, “met zijn Lichaam, zijn Bloed, zijn ziel, zijn menselijkheid, zijn goddelijkheid…” Sommige recentere devoties in de geschiedenis van de Kerk (processies van Sacramentsdag, eucharistische aanbidding, internationale eucharistische samenkomsten) herwaarderen dit geloofsgegeven: God is daar op een unieke wijze in de geconsacreerde hostie.

Het leergezag van de Kerk, ook al moedigt ze deze spiritualiteitsbewegingen aan, herinnert dat het belangrijk is deze praktijken te koppelen aan de misvieringen om de Goddelijke Aanwezigheid in het Heilig Sacrament niet te gewoon te maken. Volgens de H. Thomas van Aquino, moet er een onderscheid gemaakt worden tussen de objectieve aanwezigheid van de Heer in het sacrament enerzijds en het individueel besef van de christen anderzijds, die deze aanwezigheid in zichzelf min of meer “voelt”, naargelang zijn psychologische en geestelijke toestand (in staat van genade of niet).

Wanneer het met de juiste ingesteldheid beleefd wordt, dan is de eucharistische maaltijd de plaats van intimiteit tussen God en de mens: het woord van Jezus wordt vervuld: “Blijf in Mij, zoals Ik in U” (Joh. 15, 4). De term communie slaat dan niet meer op het nuttigen van de geconsacreerde hostie, maar op het onthalen van de goddelijke aanwezigheid in zichzelf. God bewoont de ziel en maakt er zijn heiligdom van; de ziel wordt ondergedompeld, geborgen in God.

Met schroom en met de nodige voorzichtigheid die de benadering van zo’n groot mysterie vraagt, mogen we de analogie maken met de huwelijksrelatie.

Op voorgaande bladzijden lazen we op diverse plaatsen, het koppel dat bemint, kan deze liefde op velerlei wijzen openbaren: de blik, het gebaar, het woord, de onderlinge dienst, enz. De liefhebbende aanwezigheid van de partner wordt op vele manieren gegeven. Maar de gave van zichzelf in de seksuele daad is uniek en van een totaal andere orde, niet te vergelijken. Het is juist daarom voorbehouden aan het gehuwde koppel. Ook al wordt deze boodschap deze dagen niet zo goed begrepen, dan nog heeft de Kerk gelijk wanneer  ze de echtelijke liefde verdedigt  door de culturele banalisering  van de seksuele relaties  niet te volgen. Zoals gezien in hoofdstuk I, zegt het verband tussen het afgesloten verbond en het geconsumeerde verbond ons alles  over het unieke karakter van deze gaven van de lichamen. De genade van het huwelijkssacrament wordt vernieuwd in de echtgenoten die zich naar ziel en lichaam verenigen.

Deze perceptie wordt bevestigd door de ervaring zelf van de koppels. De seksuele relatie – die uiteraard niet alleen fysisch is – is de plaats van het terugvinden, het is de “afspraaktent” van het koppel. De geestelijke, psychologische, fysische verwijdering die ervaren wordt vanwege onbegrip of zelfs gewoon door de afstand veroorzaakt door verschillende persoonlijke activiteiten, verdwijnt als het ware door de echtelijke relatie. Man en vrouw stellen dan spontaan vast dat  ze  “elkaar terug vinden” terwijl zoveel centrifugale krachten de communie kunnen uiteenhalen.

Deze opmerking sleept gevolgen met zich mee die men niet vermoedt. Voor de grootsheid van het mysterie van de Eucharistie, spoort de H. Paulus de Corinthiërs  sterk aan ze niet zo maar te beleven (1 Kor. 11, 20-22)!

 

“Wie dus op onwaardige wijze het brood eet of van de beker van de Heer drinkt, bezondigt zich aan het lichaam en het bloed van de Heer.”  (1 Kor. 11, 27)

 

De pastorale gevolgtrekking die zich opdringt is: men moet zichzelf onderzoeken, dit wil zeggen onderscheiden of wat we gaan beleven conform is aan Gods verlangen: “We moeten onszelf onderzoeken.”  (1Kor. 11, 28)

Zonder toe te geven aan gevoelens van angst of veroordeling, mogen we stellen dat, op een analoge wijze , de grootheid en de waardigheid van de menselijke seksualiteit een aantal onvermijdelijke voorwaarden voor het koppel met zich meebrengt.

Een seksuele relatie die “onwaardig” beleefd wordt, kan de zegening omkeren in “vervloeking” en hetgeen een versteviging van het koppel had moeten betekenen omvormen tot een hindernis voor de echtelijke eenheid.

Deze waardigheid van de huwelijksliefde in al zijn dimensies wordt door de H. Paulus benadrukt: “Dit geheim [van het christelijk huwelijk] heeft een diepe zin; ik voor mij betrek het op Christus en de  kerk.” (Ef. 5, 32)

De Huwelijksrelatie – liturgie van de liefde

Hoofdstuk VII

 

DE ZENDING

God is goed!                     We willen het uitroepen!                       Cool!

 

1.      Tijd van feest en gewone tijd

“Er is een tijd voor alles en een tijd voor alle dingen onder de zon.”

(Jezus Sirach 3, 1)

 

De officiële en  openbare gebedsmomenten van de Kerk verlopen niet uniform. Ze worden, met andere woorden, niet steeds op dezelfde wijze ingevuld en beleefd. . Er is “de tijd door het jaar”, wat we kunnen omschrijven als een gewone tijd, en “de grote liturgische tijden” zoals de cyclus van advent en Kerstmis, de vastenperiode  en Pasen.

De kerk maakt ook  een verschil in uitwerking  en invulling van de  vieringen; hetzelfde mysterie wordt gevierd, maar ze onderscheidt de “gewone” missen, de “gedachtemissen”, de “feesten” en uiteindelijk de “Plechtigheden”. De christenen onthalen vreugdevol de bijzondere genaden van wat men vroeger “hoogmissen”, noemde. Deze vieringen zijn uitgebreider en heel plechtig. De liturgie wordt dan zorgvuldig voorbereid en prachtig gevierd. De schoonheid en de waardigheid van deze diensten kunnen heel lang in het geheugen gegrift blijven.

Maar het volk van God leeft meestal van de genaden van de “kleine missen” in de week. Daar geeft de Heer zich doorheen de eenvoud en zelfs de armoede van de middelen: enkele parochianen verzameld in een gebedsruimte voor een “gelezen mis” van ongeveer een dertigtal minuten. Wanneer er enkel pontificale missen gecelebreerd werden zouden we  dat na  verloop van tijd als eentonig gaan ervaren. Als er enkel weekmissen zouden zijn, zouden we op liturgisch vlak een gemis ervaren.

Wat evenwicht  gaat geven aan het liturgisch en sacramenteel leven, is juist de afwisseling en de diversiteit van de vieringen. Het belangrijkste is niet de uiterlijke vorm, maar wel wat gegeven wordt voorbij het uiterlijke.

Ook het echtpaar kent die momenten van “plechtigheid” in de liefdesrelatie. Momenten waar ziel en lichaam zich konden voorbereiden en de tijd nemen om hun liefde te vieren. Een feestelijk weerzien na een periode van scheiding, intens beleefde momenten met zijn tweetjes, wanneer de kinderen op vakantie zijn… Feest van een goed beleefde seksuele relatie na een ontspannende avond op restaurant of in de bioskoop … Feest van een blijde relatie vanwege goed nieuws, van een promotie  op het werk of een eindelijk verhoord gebed…

Er zijn buitengewone liturgische vieringen, zoals groepen die de mis vieren in de woestijn in Israël of in een berglandschap.

Er zijn liefdesrelaties, waar op een “zot moment” het koppel zich verenigt in een sprookjesachtig decor aan zee of in de natuur…

Maar vergeten we vooral niet dat de leidraad van het liturgisch jaar, de tijd door het jaar is! Het koppel is geroepen om elkaar lief te hebben in de gewone tijd en in het eenvoudig gebeuren van elke dag. Het belangrijkste is niet om, volgens de heersende trends die de media  ons zo graag voorspiegelen, “een grote emotie” te beleven, maar eerder zich te herbronnen doorheen eenvoudige gebaren van tederheid die het echtelijke verbond voeden.

Soms is er zowel voor gebed als voor de seksuele relatie niet zoveel  tijd beschikbaar. Op die momenten zou het niet goed zijn om als koppel te blijven aarzelen en te wachten tot de ideale gelegenheid zich aandient…

In extreme gevallen van overactiviteit, moet men niet aarzelen om “de noodprocedure” in te schakelen.

Dat kan intense dialogen geven: “Kom, snel, de kinderen blijven niet lang weg” of “Het is niet erg, wanneer we iets later aankomen bij oma”.

Andere plaatsen dan de slaapkamer kunnen getuige zijn van deze “expresrelaties”… dat kan soms een vleugje humor geven, zelfs wat avontuur, in het leven van het nochtans “deugdzaam” koppel!

Ook op het vlak van de seksualiteit, moet het koppel, zoals op zoveel andere vlakken, zich aanpassen aan het moment en de omstandigheden.

Het moet leven in de genade van de “variabele meetkunde” zoals sommigen het noemen, of nog “de dynamiek van het voorlopige”. De innerlijke vrijheid, de beschikbaarheid, de humor, en  soms zelfs een beetje verbeelding, is de beste houding om in deze huwelijksspiritualiteit van deze tijd te treden.

 

2.      De vreugde van het geven

 

“Laat ieder wat hij in zijn hart besloten heeft, ten uitvoer brengen, zonder pijn en zonder dwang, want God houdt van een blijmoedige gever.”  (2 Kor. 9, 7)

 

Deze aansporing  van de Apostel geldt niet alleen voor de omhaling! Ze zegt onze instelling van het hart om lief te hebben.

Er zijn droevige eucharistievieringen en vreugdevolle eucharistievieringen. De teksten zijn dezelfde, het mysterie is hetzelfde, maar de beleving kan verschillen naargelang de parochies of de groepen die vieren. Als de mis grijs is, vervelen de kinderen zich; ze doen lastig om er naartoe te gaan en stellen de gevreesde vraag: “Zijn we verplicht?”

Als de zondagsviering mooi is, levendig, vreugdevol is, als ze er hun vrienden terugzien, dan zijn ze blij om te gaan…

Eucharistie betekent “dankzegging”. Het is een ontmoeting met de Liefde, die in vreugde wordt beleefd. Er is de uitbundige vreugde van jongerenvieringen en de rustige, zeer innerlijke vreugde van monniken die gregoriaans zingen.

De vreugde heeft vele vormen, verschillend naargelang de culturen of de gevoeligheden, maar ze is altijd aanwezig.

Zo is het ook voor de seksuele relaties. Hetzelfde mysterie wordt gevierd door alle koppels, maar met heel verschillende schakeringen. Sommige echtgenoten kunnen in de seksualiteit lijken op parochianen die naar de mis gaan omdat het moet of uit gewoonte. Ze doen hun plicht; het is niet enthousiasmerend maar het is te doen… Zoals het vervullen van de kiesplicht of het betalen van belastingen. Nochtans is het koppel geroepen om de seksuele relatie te beleven met de intentie om de echtelijke liefde te vieren, om deze liefdesontmoeting te beleven in de vreugde van de liefde die zich geeft, ontvangt en deelt.

De partner merkt de afwezigheid van vreugde in de wijze waarop de ander zich geeft  . Hij kan er door gekwetst worden en dan wordt het koppel op  het vlak van de liefde “gelovig, maar niet of weinig praktiserend …” Ongemerkt vormt er zich een gracht tussen de echtgenoten en als ze er niet over waken, wordt de gracht een afgrond.

Enkele auteurs gebruiken voor het liefdeshart het beeld van een reservoir, dat moet gevuld worden met tekenen van liefde vanwege degene die hem bemint. Als de echtgenoot en de echtgenote vervuld worden door tekenen van liefde vanwege de andere,  op affectief en seksueel vlak dan zullen ze zich ook ontplooien in alle andere domeinen van hun bestaan. Ze zullen vol energie zijn om hun dagelijkse verantwoordelijkheden op te nemen en ze vinden in de echtelijke eenheid de nodige krachten om beproevingen en moeilijkheden onder ogen te zien. Omdat ze veel liefde ontvangen, zullen ze zich ten volle kunnen geven in dienst van  anderen.

Wanneer ze zich daarentegen slecht bemind voelen, wanneer het reservoir van het hart opdroogt, worden ze gefrustreerd, bitter en lichtgeraakt.

 

3.      Taboes vermijden.

Ruzies en onenigheid  binnen  het koppel vinden vaak hun oorsprong in de affectieve en seksuele onvoldaanheid van de echtgenoten. Dikwijls wordt de moeilijkheid niet benoemd omdat we dit delicaat onderwerp niet durven aansnijden:

uit angst  de andere te beschuldigen,

 

of uit  schaamte om te moeten onderkennen dat onze tevredenheid ook “daarvan” afhangt, moeilijkheid om het misverstaan in deze te  benoemen.

Uit eigenliefde of uit schroom, laten we het probleem voor wat het is, zonder samen te zoeken naar een oplossing. We bedriegen onszelf  door te stellen dat “het nog zo erg niet is”, en dat “de rest goed gaat…

Het is vreemd te moeten vaststellen dat heel wat mensen die zonder schroom beroepsproblemen aanpakken, dezelfde coherentie niet meer hebben als het gaat over seksuele misverstanden binnen het koppel. In die niet geregelde situaties woekeren mechanismen  van projectie. Het slecht humeur keert zich tegen de partner, maar vanwege het “taboe” over de ware reden, wordt de ontevredenheid toegeschreven aan andere oorzaken: we vitten over de orde in het huis, de keuze van de vakantiebestemming of de relatie met de schoonfamilie… Het is echt niet op dat niveau dat er een oplossing zal gevonden worden.

 

 

Echtgenoten die de kwestie proberen aan te pakken door een eerlijk en open gesprek te voeren zullen een grote stap zetten in de groei van hun relatie.

Ook hierin geldt het woord van Jezus: “De Waarheid zal u vrijmaken.” (Joh. 8, 32)