Maandelijks archief: mei 2019

Samen op Weg mei 2019

Beste zussen en broers,

Beste vrienden van Samen op Weg,

Theorie of ideologie, that’s the question!

Ik heb het hier, zussen en broers over de genderproblematiek. Misschien is het ver van uw bed, en misschien o zo nabij.

Voor mij is deze genderproblematiek een ideologie, dat wil zeggen, een idee, dat men tot een leer wil verheffen, en daarom steevast van een theorie spreekt, al zijn er geen wetenschappelijke bewijzen. Maar hoe ga je dan in zelfs tegen universiteiten?

En kijk, in de Standaard van 11-12 mei lees ik de opinie & analyse van Maarten Boudry, filosoof aan de UGent en ook auteur.

U kan dit artikel doornemen op mijn blog: https://alain2015.wordpress.com/

Het komt erop neer dat hij “bio-ontkenners” (men ontkent dat er van bij de conceptie man-vrouw verschillen zijn) op dezelfde plaats zet als “klimaatontkenners”, en verder stelt dat de gewone burger aan alles ervaart dat man en vrouw verschillen, en ook dat er daar voldoende wetenschappelijke bewijzen van zijn.

Ik citeer: “Bio-ontkenning is geen zaak van gewone burgers, maar van wereldvreemde academici.”

Dank u, Maarten Boudry, en zo kan ik zelf weer gewoon verder met Genesis 1, 27: “En God schiep de mens als zijn beeld; als het beeld van God schiep Hij hem; man en vrouw schiep Hij hen.” Als man en vrouw, evenwaardig en verschillend, zijn we geroepen om beeld te zijn van het onzichtbare mysterie van de drie-ene God. De H.  Johannes Paulus II heeft dit uitgebreid behandeld in de theologie van het lichaam.

Aangemoedigd door het artikel wil ik nog enkele tips geven in mogelijke confrontaties met de genderideologie. Ik heb de inspiratie gevonden in het boek van Hubert Lelièvre: “La famille face au défi du gender.” (Het gezin en de uitdaging van de gender)

Wat kunnen we doen?

Op de eerste plaats de moed niet verliezen, maar vertrouwen op Christus, de Rots, en leven vanuit Hem, vanuit de H. Geest. Daarom ook geeft Maria-Kefas een vijfweekse over het Leven in de Geest! Zo schreef H. Johannes Paulus II in “Duc in Altum”: “Ga vol hoop. Een nieuw millennium gaat open voor de Kerk als een wijde oceaan, waar je je in waagt, steunend op de Heer.”

Ten tweede ons geweten vormen. Wie u zegt dat alles spontaan, gemakkelijk moet zijn, bedriegt u. Jezus volgen wil zeggen zijn kruis dragen, en de weg is bergop, het vraagt inspanningen, ook om je geweten te vormen, door lectuur, studie,…

Verzorg uw gezinsleven. Jullie, de gezinnen, zijn “Gaudium et Spes” vreugde en hoop; jullie zijn de poorten naar het leven en de liefde. De Kerk is heel dankbaar voor de gezinnen, voor hun “ja” aan het leven. Maak van uw gezin een haard  van licht, van liefde, vergeving, luisterbereidheid en vreugde! Vier elkaar, zoals onlangs moeder werd gevierd. Draag zorg voor uw gebedshoekje en de tafelmomenten. Oh ja! Ook hier is het niet altijd simpel, maar moeilijk gaat ook, hé!

In het gezin is ieder belangrijk, ieder bestaat, en wordt bij zijn (voor)naam genoemd. Vaders, wees niet bang vader te zijn, moeders, wees niet bang moeder te zijn. Neem tijd voor elk kind, een voor een als je de nood voelt, of als ze een signaal geven. De bakens en de sporen voor het verdere leven hebben ze van u nodig.

Lees de “theologie van het Lichaam” van de H. Johannes Paulus II, profetisch antwoord op de ideologie en andere uitdagingen van onze tijd. Het is in het Nederlands vertaald. Benedictus XVI zegt: “Combineer de theologie van het lichaam met die van de Liefde, om de schoonheid, de goedheid en de waarheid van de echtelijke seksualiteit te herontdekken.

Zoek de gelegenheden om op een andere manier te spreken over de liefde en de seksualiteit in de opvoeding van de kinderen. Laat dit niet over aan de officiële instanties alleen. Ik durf hier zeker verwijzen naar de initiatieven van “Jij en Ik, een wonder”, en MFM, de cyclusshow (www.mfm-programma.be).

Laten we in deze materie eensgezind voor elkaar en voor de wereld bidden, om de wijsheid en het vuur van de H. Geest, en hoopvol uitzien op Zijn kracht, nu we op weg zijn naar Pinksteren.

 

Alain

 

Advertenties

Bio-ontkenners

 

Overgenomen uit De Standaard (zaterdag 11 mei zondag 12 mei 2019) Opinie &analyse

Wie? Filosoof (UGent) en auteur van ‘Waarom de wereld niet naar de knoppen gaat’ (Polis).

Wat? Klimaat­sceptici worden geweerd uit het publieke debat. Mensen die de biologische verschillen tussen mannen en vrouwen ontkennen niet: zij hebben hele academische disciplines overgenomen.

 

Hebt u weleens een discussie gevoerd met een klimaatontkenner? Het is een mooie oefening in geduld en zelfbeheersing. Klimaatontkenners zijn mensen die, ondanks de overweldigende hoeveelheid bewijzen voor het tegendeel, blijven volhouden dat ons klimaat niet opwarmt. Of dat, als het wel opwarmt, het beslist niet aan de mens ligt. Of dat, als het misschien toch aan de mens ligt, er niets tegen te beginnen valt en we moeten ophouden met ­zeuren. Zelf verkiezen ze de term ‘sceptici’, omdat ze naar eigen zeggen kritische vragen durven te stellen bij gevestigde doctrines. In werkelijkheid weigeren ze wetenschappelijke feiten onder ogen te zien, omdat die hen ideologisch onwelgevallig zijn. Twijfel is een waardevol goed in wetenschap, maar als die te ver doorslaat, kan je met recht en rede over ‘ontkenning’ spreken.

In ons publieke debat zijn klimaatontkenners relatief marginaal. Hun enige politieke vertegenwoordiger in Vlaanderen is Jean-Marie Dedecker, en zelfs hij is een lauwwarme ontkenner, een randgeval dus. In academische wandelgangen zal je ze niet gauw tegengekomen, net zomin als op deze (of andere) krantenpagina’s. De website Doorbraak is het enige medium dat hun geregeld een forum biedt. Geen toeval, want klimaat­ontkenning is vooral een rechtse aangelegenheid. Niet alle rechtse mensen zijn klimaatontkenners, maar bijna alle klimaatontkenners zijn rechts. Dat die lieden tegenwoordig in reguliere media geweerd worden, is op zich geen slechte zaak. Het heeft geen zin om eindeloos te blijven discus­siëren over kwesties die in de wetenschappelijke wereld al meer dan twintig jaar beslecht zijn.

Tonnen bewijsmateriaal

Maar er bestaat een andere vorm van wetenschapsontkenning die veel meer prestige geniet. Niet alleen is ze doorgedrongen in de academische wereld en tref je ze geregeld in opiniekaternen aan, ze heeft zelfs hele academische disciplines overgenomen. En zelfs mensen die er niet in geloven, bewijzen er lippendienst aan, uit politieke correctheid. Ik heb het over de ontkenning van biologische verschillen tussen mannen en vrouwen. Niet alleen de evidente verschillen qua anatomie en hormonale huishouding, maar ook op het vlak van psychologische attitudes, gedrag, cognitieve vermogens en interesses. Voor die vorm van wetenschapsontkenning zijn rechtse mensen nagenoeg volledig immuun. ‘Bio-ontkenning’ is bijna uitsluitend een linkse kwaal. De filosofe en zelfverklaarde evolutie­feministe Griet Vandermassen schrijft er uitgebreid over in haar nieuwe boek Dames voor Darwin, waarin ze haar collega-feministen probeert warm te maken voor de evolutionaire psychologie.

Bio-ontkenning is geen zaak van gewone burgers, maar van wereldvreemde academici

Waarom gaat het hier niet om een legitiem wetenschappelijk standpunt, maar om regelrechte ontkenning? Net als bij alle andere seksuele soorten zijn de twee seksen van homo sapiens (de definitie van ‘man’ en ‘vrouw’ volgt uit de grootte van de geslachtscellen of gameten) op een andere manier vormgegeven door natuurlijke en seksuele selectie. In onze evolutionaire geschiedenis kampten ze met andere uitdagingen, waardoor ze onderhevig waren aan verschillende soorten selectiedruk. Niet alleen is het a priori erg onwaarschijnlijk dat de primaat homo sapiens aan die evolutionaire logica zou ontsnappen, maar inmiddels is de wetenschappelijke discussie beslecht, net zoals bij de klimaatopwarming. In Vandermassens boek tref je tonnen bewijsmateriaal aan voor universele en dus cross-culturele man-vrouwverschillen, uit uiteenlopende academische disciplines.

Bij de meeste feministische auteurs, en ook binnen het academische vakgebied van genderstudies, heerst de opvatting dat dergelijke verschillen in gedrag, attitudes en interesses bijna uitsluitend het resultaat zijn van socialisatie en omgevingsinvloeden. Om dat vol te houden, hebben ze zich bijna volledig afgesloten van ­andere wetenschappelijke disciplines, zoals de biologie, genetica, endocrinologie en ontwikkelingspsychologie. Het is makkelijker het licht van de zon te loochenen als je eerst zorgvuldig de gordijnen dichttrekt.

Twijfel zaaien

Als je beide groepen vergelijkt, ­komen de bio-ontkenners er eigenlijk nog het bekaaidst vanaf. Het klimaat is een ontzettend ingewikkeld systeem en de globale temperatuur op aarde kennen we slechts door statis­tische gemiddelden te berekenen van uiteenlopende metingen op diverse tijdstippen, in oceanen, in de atmosfeer en stratosfeer. Bovendien is de voornaamste aandrijver van klimaatopwarming (CO2) een onzichtbaar en geurloos gas waarmee mensen geen enkele directe ervaring hebben. De aanvaarding van klimaatopwarming vergt dan ook een groot (maar ­terecht) vertrouwen in de wetenschappelijke methode en in wetenschappelijke instellingen als het IPCC. Als klimaatontkenner heb je het dan ook makkelijk: zaai gewoon wat twijfel over correlatie en causatie en over de onzekerheid van onze meetapparatuur.

Dat ligt bij man-vrouwverschillen wel even anders. Elk van ons heeft dagelijks ervaringen die de psychosociale verschillen tussen de seksen illustreren: in onze eigen relaties, in de opvoeding van onze kinderen, in de verhalen en roddels die we over elkaar vertellen. Bio-ontkenning is dan ook geen zaak van gewone burgers, maar vooral van wereldvreemde academici die met alle macht een ideologie proberen hoog te houden. Niet ­alleen moeten bio-ontkenners opboksen tegen de wetenschap, maar ook tegen de eigen persoonlijke ervaring.

Ooit was de argwaan van feministen tegenover evolutionaire benaderingen van de menselijke geest begrijpelijk, zoals ook scepsis over klimaatopwarming lange tijd een eerbaar standpunt was. Biologie werd vroeger misbruikt om vrouwen onder de knoet te houden en ongelijkheid te bestendigen. Maar wetenschap staat niet stil. Inmiddels ontgroeide de evolutionaire psychologie haar kinderziekten. Mede door de bijdrage van vrouwelijke wetenschappers beschikken we vandaag over een veel genuanceerder beeld van sekseverschillen, dat niet langer vertrekt vanuit het mannelijke perspectief.

Het wordt tijd dat feministen zich verzoenen met de evolutionaire erfenis van onze soort, en dat gender­onderzoekers (en veel anderen in de humanities) hun ideologische dogma’s begraven. Bio-ontkenning hoort net zomin als klimaatontkenning thuis aan universiteiten.