Maandelijks archief: november 2017

Samen op Weg – november 2017

Beste zussen en broers,

Beste vrienden van Samen op Weg,

Vrijheid! Daar wil ik het nu eens over hebben, na het lezen van 2 artikels in de krant.

Eerst is er de stelling van een politica met het woord “vrijheid” in haar partij, die stelt dat het huwelijksquotiënt moet worden afgeschaft, omdat het vrouwen weghoudt van de werkvloer. (Voor wie het niet kent, het huwelijksquotiënt laat gezinnen met één inkomen, of een laag tweede inkomen, toe een deel van het inkomen van de meerverdiener aan te geven aan de belastingen als inkomen van de andere). Ze werd door andere partijen snel teruggefloten, niet in het minst omdat vrouwen (en ook mannen!) die voor het gezin thuis blijven, alles behalve “niets” doen, maar gewoon (en onbetaald) niet buitenhuis werken. Vrijheid is voor mij in deze kunnen kiezen wie gedeeltelijk of helemaal of niet, thuisblijft voor de kinderen. Het huwelijksquotiënt is daar een aanzet voor.

Als er onder mijn lezers aan politiek doen, spreek haar aan a.u.b.!

Het tweede artikel is van de trotse moeder van Leonardo, een kindje met het syndroom van Down. Ik citeer enkele zinnen. “Er is een tweede deel aan het verhaal. Leonardo is gevoelig, intelligent, attent voor hoe wij ons voelen, vrolijk en ongelooflijk lief. Zijn wilskracht is voorbeeldig. In een maatschappij die altijd harder en complexer wordt, is hij een brok zachte eenvoud. […] Wij zien hoe zij de wereld ook mooier maken.” En verder: “Prenatale diagnose moet de mensen in staat stellen om te kiezen. Maar is de échte vrije keuze er nog wel? Als je vandaag een kind op de wereld zet dat het downsyndroom heeft, moet je je verdedigen.” De laatste zin is prachtig: “Als ik een van de laatste kinderen met down op de wereld gezet heb, ben ik blij dat er nog net niet genoeg druk was om het niet meer aan te durven”.

Het hele artikel is echt de moeite waard.

Ook Br. René Stockman wijdde een artikel over kinderen met Down (“Down goes further down.” Ook hij verwijst naar het artikel van de moeder van Leonardo. Beide artikels heb ik intussen op mijn blog geplaatst. (alain2015.wordpress.com)

 

In het boek Deuteronomium staat er ook iets over vrijheid, kiezen, leven en dood:

“Leven en dood houd ik u voor, zegen en vloek. Kies dan het leven, dan zult gij met uw nakomelingen het leven bezitten, door de Heer uw God te beminnen, naar Hem te luisteren en aan Hem gehecht te blijven”.

God laat ons vrij! Maar de keuze is zo belangrijk: het leven of de dood. Heel merkwaardig is dat een gemaakte keuze ons juist vrijer maakt. Paradoxaal misschien, maar eens de keuze gemaakt is, kunnen we vooruit, door alles in het werk te stellen om die keuze waar te maken. Als we niet kunnen kiezen, blijven we over en weer gaan tussen de twee mogelijkheden, en dat verlamt ons. Dat is zoals de ezel die honger en dorst heeft, maar zijn eten staat links, en het drinken wat verder, rechts. Hij kan niet beslissen waarmee te beginnen, en sterft uiteindelijk van ontbering.

Als we kiezen voor God, voor het leven, dan wordt het heel wat klaarder welke verdere keuzen we te maken hebben, en dat is juist de vrijheid van de kinderen Gods. Dat geeft energie, hoor. We hebben het jaren geleden mogen horen op de gezinsdag met Ria Grommen. Ik kan verwijzen naar het boek: “Moe van het moeten kiezen”? Op zoek naar een spiritualiteit van de zelfbeschikking: Over de mentale kies-pijn van de moderne mens. We leven in een tijd die enorme kansen en keuzes biedt: alles kan, alles mag. En toch zijn nooit eerder zoveel mensen depressief geweest.

Paus Franciscus zegt het volgende over zichzelf: “Ik ben vrij. Dat wil niet zeggen dat ik doe wat ik wil, neen. Maar ik voel mij niet opgesloten, in een kooi. In een kooi, hier in het Vaticaan, ja, maar niet spiritueel. Mij, er is niets dat mij bang maakt.” (vertaald uit: “Paus Franciscus, ontmoetingen met Dominique Wolton.”)

Kiezen is verliezen, maar wie kiest voor het leven, verliest dus de dood!

Paradoxaal genoeg is Jezus juist de andere weg opgegaan. Hij, het Leven zelf, is mens geworden, tot de dood op het kruis. Door Zijn verrijzenis heeft Hij de dood overwonnen, om ons het volle leven te geven. Wij mogen met Hem mee verrijzen. Dat kan ook nu al, door in donkere dagen op te kijken naar het kruis, en Hem te danken voor Zijn Liefde. Het is door het kruis dat Hij ons redt. Lof aan U, Heer Jezus!

Kies voor God, kies voor het leven, dan kunnen we met alle zussen en broers van Maria-Kefas u zeggen: “U hebt goed gekozen!”

Alain

 

Advertenties

Een brok zachte eenvoud

Onze zoon Leonardo is nu twee jaar. Hij heeft het syndroom van Down. Ik schrijf dit stukje met tegenzin, want ik wil onze zoon niet opvoeren om mijn punt te maken. Maar zolang hij niet voor zichzelf kan spreken, voel ik de verantwoordelijkheid het voor hem te doen.

Toen we ontdekten dat onze zoon down zou hebben, stortte onze wereld in. Ik weet niet of het anders kan, er is een rouwperiode waarin je afscheid neemt van alles wat je verwachtte van het leven, van dit ene kind. Tegelijkertijd werden we geconfronteerd met iets fundamenteels: wie zegt dat het volgende kind wél ons perfecte plaatje invult?

Iedereen is vrij een keuze te maken, maar net dat komt onder druk te staan. Want er is een tweede deel aan het verhaal. Leonardo is gevoelig, intelligent, attent voor hoe wij ons voelen, vrolijk en ongelooflijk lief. Hij zal wat later stappen en praten dan andere kinderen, maar zijn wilskracht om ergens te raken of te tonen wat hij wil, is voorbeeldig.

In een maatschappij die altijd harder en complexer wordt, is hij een brok zachte eenvoud. Door de omstandigheden ken ik ondertussen veel andere ouders met kinderen met down. Dat ik nooit iemand van hen hoorde zeggen dat ze hun kind liever niet gehad hadden, wat betekent dat? Dat wij collectief in een naïeve wereld gekatapulteerd werden vanaf de geboorte van onze kinderen? Of dat wij recht van spreken hebben, omdat we met onze kinderen samenleven en zien hoe zij de wereld ook mooier maken?

Vandaag hoor je zoveel mensen die de mond vol hebben van keuzevrijheid. Prenatale diagnose moet de mensen in staat stellen om te kiezen of ze bij slecht nieuws de zwangerschap voortzetten of niet. Maar is de échte vrije keuze er nog wel? Als je vandaag een kind op de wereld zet dat het downsyndroom heeft, moet je je verdedigen. Binnenkort is onze zoon misschien de laatste generatie met down (DS 2 november). En dat is jammer. Ik ben bang van een maatschappij waar er alleen nog een schijn van keuzevrijheid is. Waar de drang naar perfectie mensen die op papier voldeden, alsnog doet kraken. Hoe weerbaar zijn we nog als we alle defecten eruit filteren, voordat onze kinderen de kans krijgen om geboren te worden en zichzelf te bewijzen? Zijn de echte naïevelingen niet eerder de mensen die geloven dat de mens maakbaar is?

We hebben het vaak over sociale media die een ideaalbeeld ophangen van mensen die achter hun schermpjes niet altijd gelukkig zijn. Tegelijk maken we geen plaats voor wie ogenschijnlijk zwakker is. Als ik een van de laatste kinderen met down op de wereld gezet heb, ben ik blij dat er nog net niet genoeg druk was om het niet meer aan te durven.

Bron: De Standaard

Artikel van Br. R. Stckman – over Down

Down goes further down.

 

“Er worden almaar minder kinderen met het syndroom van Down geboren in Vlaanderen.  In 2016 waren het er 31, een vermindering met 30 procent”.  We konden het lezen in één van de Vlaamse kranten begin november.  Even verder lezen we: “Het syndroom van Down wordt in theorie vastgesteld bij 1 op de 800 zwangerschappen.  Als geen daarvan zou worden afgebroken, zou dat leiden tot een 80-tal kinderen met Down in Vlaanderen”.

Dit zijn de cijfers en deze zijn duidelijk, want in dezelfde tekst wordt nog eens aangegeven dat het dank zij het aanbieden van prenatale screening via de Nip-test het nu eenvoudig is geworden om de trisomie 21 zoals het syndroom van Down meer wetenschappelijk wordt genoemd vroegtijdig op te sporen.  De tekst besluit met een hoopvolle verwachting: “Ik schat dat er over een paar jaar in Vlaanderen minder dan tien kinderen met het syndroom van Down zullen worden geboren”.

 

Enige weken geleden zat ik met een aantal bezoekers in een restaurant in Rome.  Naast ons was de tafel gedekt voor een familie met vier kinderen.  Twee ervan zaten gekluisterd aan hun telefoon, opgesloten in hun virtuele wereld en in contact met hun ontelbare vrienden via facebook.  De twee anderen zorgden voor vreugde aan tafel en herhaaldelijk verlieten ze hun plaats om hun ouders te omhelzen en met kussen te overladen.  Wat was nu zo speciaal aan dit gezin?  De twee levendige kinderen hadden beiden het syndroom van Down en  hadden in hun eenvoudige spontaneïteit nog niet verleerd ten volle van dit familiegebeuren te genieten en er zelf met hun opgewektheid een positieve bijdrage aan te leveren.

 

Deze ouders hadden dus bewust gekozen om deze kinderen te ontvangen als hun kinderen en hen niet vroegtijdig te laten verwijderen als onvolmaakte en dus ongewenste vruchten van hun zwangerschap.   Wellicht was het ook voor hen een shock geweest bij een eventuele zwangerschapstest te vernemen dat hun te verwachten kind niet volledig normaal was, dat het een chromosomale afwijking had dat het zijn verder leven zou meedragen en ook bepalen.  En ze hadden dit wellicht twee maal moeten vernemen, alsof de kwade hand ermee te maken had.  Wellicht had de gynaecoloog hen ook aangeraden, bijna routinematig, dat het toch wel aangewezen was in dat geval een medische abortus te laten uitvoeren.  De shock bij het vernemen van het verdict werd nog eens aangescherpt door de zwaarte van de twijfel die hun nu om het hart sloeg.  Ze moesten een keuze maken in een omgeving die het normaal vond dat men in dit geval zou kiezen voor een abortus en waar men later misschien wel met een scheef oog zou worden bekeken waarom men een dergelijk kind op de wereld had gezet.  Hun legitieme positieve keuze voor het leven die getuigde van een grote edelmoedigheid zou door de omgeving, ook hun onmiddellijke omgeving, wel eens anders kunnen worden geïnterpreteerd en uitvloeien in een verdoken beschuldiging dat ze om egoïstische redenen deze “ongelukkige” kinderen niet vanuit een gevoel van barmhartigheid vroegtijdig uit het leven hadden “gered” en hen niet als dat “ongelukkig” kind te laten leven.

 

Terugkijkend naar de tafel naast ons vroegen we ons af wie hier de ongelukkige kinderen waren?  Alvast niet de twee die opnieuw schaterend hun plaats verlieten om voor de zoveelste maal hun vreugde met hun ouders te delen.  Ondertussen hadden de twee andere kinderen ook hun telefoon aan de kant gelegd en deelden nu, als het ware geïnfecteerd door de vreugde van hun twee broertjes, in de blijheid van het samenzijn als een gezin.

 

Onze maatschappij moet af van het vervaardigen van de stereotypen die vaststellen wanneer een kind als een geslaagd specimen kan worden getaxeerd.  Het weegt zwaar op ouders die duidelijk kiezen om op een positieve wijze een kind met een beperking te aanvaarden en ook met liefde op te voeden.  Zij getuigen allen dat het moment dat ze horen dat hun kind een afwijking vertoont, zwaar is, een ware shock kan teweegbrengen en hen doet vragen waarom dat nu juist hen moet overkomen.  Wanneer ze dan alleen maar stemmen horen die hen aanmoedigen om maar vlug de zwangerschap af te breken om erger te voorkomen en zelfs op onbegrip stoten wanneer ze er toch voor kiezen om het kind geboren te laten worden en vanuit medische hoek moeten horen dat ze zelf verantwoordelijk zijn voor de gevolgen van hun keuze, weegt de zwaarte van het moment nog eens extra.  Onder de mom van keuzevrijheid waar vandaag zo graag mee gezwaaid wordt, worden ze als het ware gedwongen om mee te heulen met de massa die collectief verklaart dat een kind met het syndroom van Down en zovele andere afwijkingen een onvolkomen leven is en dat het een weldaad is, een teken van vooruitgang, deze kinderen niet te laten geboren worden.  Of zoals een vermaarde professor het ooit uitdrukte dat het een weldaad zou zijn voor de gemeenschap om het syndroom van Down zoals de mazelen en de pokken volledig de wereld uit te roeien.  Onze huidige maatschappij treft daarom collectieve schuld door deze ouders voor een quasi ondraaglijk dilemma te plaatsen en hen te marginaliseren wanneer ze tegenstroom toch voor het leven van hun kind kiezen.

Op dat moment zou het voor hen heilvol zijn dat ze ouders mochten ontmoeten die vanuit hun ervaring getuigen wat het is te leven met een kind met een beperking.  Dat de eerste shock inderdaad normaal is en ook de twijfel.  Maar dat ze daarna mogen ervaren wat een kind met een beperking ook aan positiefs in het leven kan brengen.  We zien het met eigen ogen bij onze geburen in het restaurant in Rome.  Neen, we mogen het niet verbloemen door alleen het positieve te benadrukken, want er zal ook leed aanwezig blijven bij het hebben van een kind met een beperking.  Maar is leed afwezig bij een kind dat zogezegd geen beperking heeft, en is het bij hen alleen maar rozengeur en maneschijn?  Ik heb reeds verschillende malen mogen aanhoren van ouders met een kind met het syndroom van Down hoeveel liefde en genegenheid ze mochten ervaren van dit kind en heel wat minder van hun andere kinderen die zogezegd als normalen door het leven mogen gaan.  Maar ook zijzelf ondergaan een metamorfose doorheen hun zorg voor hun kind met een beperking.  Ze leren met grotere tederheid met het zwakke leven omgaan, het echt te koesteren, en in de leerschool van deze zorg worden hun de zachte waarden die in de huidige maatschappij zo sterk verdrongen worden, op een heel ervaringsgerichte wijze aangebracht.  Een moeder getuigt in een ander artikel dat in een maatschappij die altijd harder en complexer wordt, dit kind een brok zachte eenvoud bracht.

“Een brok zachte eenvoud”, het werd de titel van het artikel en drukt m.i. zeer goed uit wat deze kinderen met een beperking aan ons allen te leren hebben.  Wanneer we naar een maatschappij evolueren waarin deze kinderen en andere met een beperking niet meer aanwezig zijn en er alleen nog plaats is voor de zogenaamde sterken en geslaagden in het leven, zal er iets heel fundamenteels verloren gaan in de maatschappij, namelijk de zorg voor het broze, het zwakke en hun woordeloze uitnodiging om een brok zachte eenvoud in ons leven te laten groeien.  Ik kan het niet laten om de laatste zin van de moeder in het artikel te herhalen: “Als ik een van de laatste kinderen met down op de wereld gezet heb, ben ik blij dat er nog net niet genoeg druk was om het niet meer aan te durven”.

 

Br. René Stockman

De huwelijksrelatie – liturgie van de liefde (Hoofdstuk 6 – einde)

7.      De genade van rust voor het lichaam en vrede van de ziel.

 

“De dienstbode opende de deur,

Ging naar binnen en zag dat beiden sliepen.” (Tobit 8, 13)

“Mijnlief is als een zakje mirre,

Dat rust tussen mijn borsten.” (Hoogl. 1, 13)

 

De volgende tekst van de H. Paus Johannes Paulus II herinnert ons de Bijbelse antropologie: de mens is een eengemaakt wezen. De echtelijke liefde heeft een weerslag op heel zijn persoon, lichaam en ziel.

 

“Omdat de mens een geïncarneerde geest is, dat wil zeggen een ziel die zich door het lichaam uitdrukt, en een lichaam bezield door een onsterfelijke geest, is hij geroepen tot de liefde in zijn gehele wezen. De liefde omarmt ook het menselijk lichaam, en het lichaam neemt deel aan de spirituele liefde.” (De taken van het christelijk gezin, apostolische exhortatie van Johannes Paulus II).

 

Heel natuurlijke gedragingen zoals lachen  zijn nu voorwerp van wetenschappelijke studies. De geleerde besluiten van de onderzoekers zeggen wat de volkswijsheid al lang weet: “Dat doet deugd!” Zo gaat het ook met de psychologische en fysiologische effecten van de seksuele activiteit.

Naast de spirituele genaden die hiervoor reeds aangehaald werden, is bewezen  dat een hechte liefdesrelatie (niet de seksuele slippertjes) een positief effect heeft op de gezondheid! “De natuur is goed gemaakt” zullen sommigen zeggen. Maar de christenen zien iets anders: de Schepper van de natuur, van haar wetten en haar ritmes heeft een welwillende blik op deze wereld: “God bezag al wat hij gedaan had, het was zeer goed.” (Gen. 1, 31)

Het heeft de Heer, God van de Liefde, behaagd dat de liefdesdaad samen gaat met fysisch genot en fysiologische weldaden.

De seksuele daad kalmeert de angst dankzij de hormonen van het genot, geproduceerd door de hersenen: serotonine en dopamine die het organisme stimuleren en stress verzachten. De seksuele relatie neemt spierspanningen weg, ontspant het zenuwstelsel, en brengt geest en lichaam tot rust. Dit brengt nog gevolgen met zich mee op andere vlakken door de relationele spanningen te verminderen. De ervaringen van koppels bevestigen dit vaak: “Mijn echtgenoot (echtgenote) is leefbaarder, minder gespannen…”

We moeten God danken voor de fijngevoeligheid van zijn liefde, die zorg draagt voor ziel en lichaam en ons eraan herinnert dat we onlosmakelijk lichaam en ziel zijn. Geen geest alleen (zoals de engelen). Geen materieel lichaam alleen (zoals de dieren). Vergeten we deze zegswijze niet die ons beschermt tegen elke neiging om te spiritualiseren en de incarnatie te relativeren.

“Wie de engel speelt (door zuiver geestelijk te willen beminnen) is niet beter dan het beest (door als een dier te beminnen, enkel fysisch).  We willen dit hoofdstuk afsluiten met een mooi dankbetuiging voor het christelijk huwelijk, uitgedrukt door een kerkvader, Tertullianus, uit de II-de en III-de eeuw:

 

KADER

 

“Waar vind ik de kracht om met voldoening het geluk van het huwelijk te beschrijven zoals de Kerk ze ziet, die het offer bevestigt, de zegening bezegelt; de engelen roepen het uit, de hemelse Vader bevestigt… Wat een koppel, als dat van twee christenen, verenigd door een zelfde hoop, een zelfde verlangen, een zelfde discipline, een zelfde dienstwerk! Twee kinderen van een zelfde vader, dienaars van een zelfde meester; niets scheidt hen, noch in de geest, noch in het vlees; integendeel, ze zijn waarlijk twee in één vlees. Daar waar het vlees één is, daar is ook de geest één.”

Ad uxorem

Geciteerd door Johannes Paulus II  in de Apostolische Exhortatie:

De taken van het christelijk gezin

 

EINDE KADER

 

Wat bent U goed, Heer